Met de groei van e-commerce neemt ook het inpakwerk in magazijnen toe. Elke online bestelling moet immers in een aparte doos worden verpakt. In veel gevallen is dat nog handwerk. Als het inpakproces niet goed is ingericht, kan dat leiden tot fysieke klachten en tot ziekteverzuim. Het Buro voor Fysieke Arbeid geeft tips.

Het inpakken van een online bestelling is een proces met een groot aantal verschillende handelingen. Dat begint meestal met het pakken van de bak met producten en het scannen van de barcode op die bak. Vervolgens moet de medewerker een passende verzenddoos pakken en in elkaar vouwen. Als hij alle artikelen van de bak naar de verzenddoos heeft verplaatst, moet hij vaak nog een pakbon en het nodige opvulmateriaal toevoegen. Tenslotte moet de doos worden gesloten, getaped en van een verzendlabel voorzien.

Voor een goede organisatie van het inpakproces dienen alle hulpmiddelen onder handbereik te liggen. Dat geldt voor de barcodescanner, de verschillende printers en de tapedispenser, maar ook voor het opvulmateriaal en de voorraad verzenddozen. “Het zijn stuk voor stuk geen zware fysieke handelingen die inpakmedewerkers moeten verrichten. Maar door de hoge frequentie bestaat toch een aanzienlijk risico op lichamelijke klachten. Met een goede organisatie blijft dat risico beperkt”, vertelt Ewout Brehm, directielid van het Buro voor Fysieke Arbeid.

Plaats alles op onderarm-afstand
Lichamelijke klachten ontstaan vooral als inpakmedewerkers telkens weer ver moeten reiken om de spullen te pakken. “Het beste is om de hulpmiddelen zo veel mogelijk op onderarm-afstand neer te leggen. Let daarnaast op de afstand tot de rollenbanen die de bakken met artikelen aanvoeren en de verzenddozen afvoeren. Als de inpakmedewerker de verzenddozen op een pallet moet stapelen, kan het handig zijn om die pallet op vier of vijf andere pallets te plaatsen. Dat voorkomt dat hij of zij voortdurend moet bukken”, aldus Brehm.

Beweeg mee met de voeten
Geen enkele inpakmedewerker is gelijk. Wat voor de een goed werkt, werkt voor de ander niet. “Check daarom altijd even hoe de inpaktafel is ingericht voordat je start met werken. Leg de hulpmiddelen op een plek die voor jou werkt”, adviseert Brehm. “En als je aan het werk bent, let dan op de houding. Zorg dat het lichaam altijd gericht is op de producten of hulpmiddelen die je wilt pakken of wegzetten. Beweeg dus mee met je voeten. Wie dat niet doet en voortdurend met zijn bovenlichaam draait, loopt een verhoogd risico op rug- en schouderklachten.”

Vouw de flappen omlaag
Het kan slim zijn om in hoogte verstelbare inpaktafels te installeren. Een te hoge werktafel heeft tot gevolg dat medewerkers steeds hun schouders ophalen. Bij een te lage werktafel staan medewerkers vaak licht voorovergebogen. Beide houdingen zijn niet ideaal. “Een alternatief is om meerdere inpaktafels op verschillende hoogte in te stellen. Op die manier is voor elke medewerker vaak wel een passende werkomgeving te vinden. En staat de verzenddoos op de werktafel? Vouw dan de flappen naar beneden om het vullen van de doos gemakkelijker te maken. Dat klinkt logisch, maar we zien in veel magazijnen dat dit niet vanzelfsprekend is.”

Draai de doos een stukje
De laatste handeling is het sluiten van de doos met tape. Brehm ziet veel inpakmedewerkers die de verzendoos dwars op tafel plaatsen, zodat ze de tapedispenser helemaal van links naar rechts moeten bewegen. Dat leidt tot een draaiende beweging van het bovenlichaam en dus een hoger risico op fysieke klachten. Anderen draaien de verzenddoos een kwartslag, waardoor ze soms ver moeten reiken om de andere zijde te bereiken. “In beide gevallen is het handig om de doos een klein stukje te draaien. Dat leidt meteen tot een flink lagere belasting van het lichaam.”

Doorbreek bestaande routines

Brehm beseft dat het dagelijkse inpakwerk voor de meeste medewerkers een vaste routine is geworden. Het veranderen van die routine is niet gemakkelijk, maar wel degelijk mogelijk. Brehm: “Daarop kan worden getraind. Een goed advies is om coaches aan te stellen die hun collega’s observeren en hen meteen erop wijzen als ze terugvallen in oude routines.”

overgenomen uit nieuwsbrief BMWT Keur, jaargang 12, nummer 03

Shares